Tag: bijbelvertaling

kerst maria jozef maagd meisje herders stal kribbe jezus

Maria: Maagd of Meisje?

Wat kon de lezers van Bible Review, een Amerikaans blad, eind jaren ’80 zo van streek hebben gemaakt dat ze de redactie overspoelden met meer brieven dan ooit tevoren? Een kleine bloemlezing uit de reacties laat zien dat de lezers furieus waren op de redactie.

– Dat is een vervloekte ketterij, en ik zal bidden dat jullie verloren zielen gered zullen worden door de waarheid. Ik zeg mijn abonnement op en geef mijn geld onmiddellijk terug.
– God, heb genade met u voor wat u doet met Zijn woord.
– Als ik toevallig mijn abonnement heb verlengd, annuleer het dan.

Wat was er gebeurd? Er was een artikel in het blad verschenen, in oktober 1988, waarin de schrijver betoogde dat Maria geen ‘maagd’ was, zoals o.a. Lukas 1:27 zegt, maar dat de tekst in het Nieuwe Testament een onjuiste “weergave” was om beweerdelijk Jesaja 7:14 in vervulling te doen gaan.

kerst maria jozef maagd meisje herders stal kribbe jezus

In Jesaja lezen we, in de NBV vertaling: “de jonge vrouw zal zwanger worden”. In de HSV lezen we:

“Zie, de maagd zal zwanger worden. Zij zal een Zoon baren en Hem de naam Immanuel geven.”

De NBG vertaalde hier “de jonkvrouw” in Jesaja 7.

Storm van kritiek

Toen de NBV-vertaling in 2004 uit kwam was er op deze vertaling kritiek, véél kritiek. Onder andere vanwege dit gedeelte én het feit dat de vertalers in Lukas 1:27 de grondtekst fout hebben vertaald (en ook in latere revisies dit nog steeds doen):

Meisje of Maagd? Vertaling NBV van Lukas

De weergave in elke zichzelf respecterende Bijbelvertaling is namelijk ‘maagd’, en niet ‘meisje’:

Meisje of maagd NETBible Luke 1 27

Er staat in het grieks “parthenos“*). Dat betekent simpelweg: maagd. Dat kún je als ‘jonge vrouw’ weergeven maar dat is niet per definitie juist want

a) niet elke jonge vrouw is een maagd (..) en
b) ook een oudere vrouw kan maagd zijn.

Door de NBV-vertalers is hier overduidelijk onjuist vertaald. Helemaal als je de aanhaling van de profetie van Jesaja in Matteüs 1:23 er naast legt, ook in de NBV, waar wél voor ‘maagd’ is gekozen voor hetzelfde woord in het Grieks. Dat is dus ook nog eens zeer inconsistent. Daarnaast, het is ook nog een strijdig met de weergave van Jesaja 7 in dezelfde vertaling.

Verwarrend! Maagd of Meisje?

Was Maria nu een ‘maagd’ of gewoon ‘een jong meisje’ die per ongeluk ongehuwd zwanger was geworden, zoals haar verloofde Jozef ook dacht? Immers, daarom wou hij haar ook verlaten?

Als eerste moeten we terug gaan naar Jesaja. Wat staat daar nou eigenlijk écht? In  de Hebreeuwse grondtekst staat er ‘meisje’. Hoe kan het dan dat Matteüs ‘maagd’ schrijft als hij dit gedeelte citeert uit Jesaja en ook Lukas spreekt over ‘de maagd’ (en dit ook in de grondtekst zo staat vermeld, zie eerder)?

bijbel open bijbelstudieDe commentators van de NET.Bible schrijven hier over:

Omdat dit vers uit Jesaja in Matt 1:23 wordt aangehaald in verband met de geboorte van Jezus, wordt de Jesaja-passage sinds de vroegste christelijke tijden beschouwd als een profetie over de maagdelijke geboorte van Christus.

Er is veel discussie geweest over de beste manier om deze Hebreeuwse term te vertalen, hoewel uiteindelijk iemands kijk op de leer van de maagdelijke geboorte van Christus onaangetast blijft.

Hoewel het Hebreeuwse woord dat hier wordt gebruikt (עַלְמָה, ’almah) soms kan verwijzen naar een vrouw die maagd is (Gen 24:43), heeft het deze betekenis niet inherent. Het woord is eenvoudig de vrouwelijke vorm van het corresponderende mannelijke zelfstandig naamwoord עֶלֶם (’elem,” jonge man “; vgl. 1 Sam 17:56; 20:22).

De Aramese en Ugaritische verwante termen worden beide gebruikt voor vrouwen die geen maagd zijn. Het woord lijkt betrekking te hebben op leeftijd, niet op seksuele ervaring, en zou normaal gesproken worden vertaald met “jonge vrouw”. De LXX-vertaler (s) die later het boek Jesaja in het Grieks vertaalde ergens tussen de tweede en eerste eeuw v.Chr., vertaalde de Hebreeuwse term echter met het meer specifieke Griekse woord παρθένος (parqenos), wat betekent ‘maagd’. Dit is de Griekse term die ook voorkomt in het citaat van Jes 7:14 in Matt 1:23.

Daarom, ongeacht de betekenis van de term in de OT-context, geeft Mattheüs gebruik van de Griekse term παρθένος in het NT duidelijk aan dat vanuit zijn perspectief een maagdelijke geboorte heeft plaatsgevonden.

Matteüs heeft dus geciteerd uit de toenmalige algemeen in gebruik zijnde Septuagint! Hij heeft daarmee dus correct geciteerd.

Als tweede de vraag: waarom hebben de vertalers van de Septuagint gekozen voor het Griekse woord voor maagd (parthenos) en niet voor meisje? Het woord dat ze hier vertalen als ‘maagd’ is immers ‘almah’, dat ‘jonge vrouw’ betekent. Toch kozen ze voor de septuagint expliciet voor ‘maagd’.

Er zijn diverse redenen te noemen. De belangrijkste is de context. De Joodse schriftgeleerden (rabbijnen) de de vertaling maakten hebben dit doelbewust zo vertaald. Al ruim vóór de geboorte van Jezus. Zij hadden hier dus geen vooropgezet doel mee. Sterker nog, als ze dit geweten zouden hebben zouden ze vast een andere vertaling hebben gekozen!

Zij begrepen uit de context duidelijk dat hier niet over zó maar een jong meisje gesproken werd, laat staan dat het een meisje zou zijn die een buitenechtelijk kind zou krijgen – integendeel, het zou hier moeten gaan om een bijzonder meisje maar meer nog een bijzondere Zoon.

In de Tenach, het Oude Testament verwijst almah zeven keer naar een ‘jonge, huwbare vrouw’ (Genesis 24:43; Exodus 2:8; Jesaja 7:14; Psalm 68:26; Spreuken 30:19; Hooglied 1:3; 6:8). Uit al deze Schriftgedeelten kan uit de context opgemaakt worden dat met almah een jonge vrouw bedoeld wordt die niet getrouwd is en van huwbare leeftijd is.

Hoewel almah niet per se maagd betekent, wordt het in de Schrift nooit gebruikt om een ‘jonge, getrouwde vrouw’ mee aan te duiden. Het is belangrijk te onthouden dat in de Bijbel een jonge joodse vrouw van huwbare leeftijd verondersteld werd kuis te zijn.

Almah betekent dan wel niet duidelijk en ondubbelzinnig ‘maagd’, desondanks wijst het gebruik ervan in bovengenoemde Schriftplaatsen op ‘jonge, huwbare vrouw van onbesproken gedrag’, hetgeen maagdelijkheid impliceert.

[..]

In de tekst zelf vinden we geen enkele aanwijzing dat de vrouw geen maagd is, dat het kind is verwekt via seksuele gemeenschap. En dat is zeer opmerkelijk.

Er ontbreekt wat in dit tekstgedeelte. Wat namelijk opvalt aan deze tekst, is wat er niet staat, waar niet aan gerefereerd wordt.

Het Hebreeuws [Het Oude Testamen] heeft de gewoonte om de vader en de seksuele betrekkingen te vermelden bij de conceptie en geboorte van een kind (Genesis 4:1,17; 16:3-5; 19:33,35; 21:2, 25:21; 29:23; 30:4-5,16-17; 38:2-3,18,24-25; Exodus 2:1-2; Ruth 4:13; 1 Samuel 1:19-20; 2 Samuel 11:4-5; 1). In Jesaja 7:14 ontbreekt echter ten enenmale een verwijzing naar de vader. Dat onderstreept nog eens de bewering dat er hier sprake is van een maagd die een kind baart. (bron)

Waarom heeft de NBV er zo’n inconsistent rommeltje van gemaakt? Ik heb het niet kunnen achterhalen. Er is veel suggestieve kwaadsprekerij over geweest maar laten we daar toch alstublieft niet aan meedoen. Ik ga er maar van uit dat ze naar eer en geweten vertaald hebben.

Niet uit de wil van een mens

Het is duidelijk dat de Oud Testamentische profetie moet worden opgevat als dat het huwbare, jonge, meisje dat een kind krijgt maagd was. Dat is de context, dat was het gebruik, dat is hoe de rabbijnen die de Septuagint (Griekse vertaling) maakten het begrepen. Dat is ook hoe het Nieuwe Testament het weergeeft. In dit opzicht is er dus totaal geen inconsistentie. Het valt ook binnen het gehele Bijbelse kader dat de Here Jezus geboren was uit God. En niet uit de wil van een mens (Jozef).

Voor de geboorte van de Zoon van God was een niet natuurlijke geboorte noodzaak. Dat de lezers van het Amerikaanse blad furieus waren, was dus niet voor niets. Dat mensen boos zijn op de vertalers van de NBV is ook begrijpelijk.

Ieder die uit God geboren is, doet de zonde niet” zegt 1 Johannes 3:9. Jezus was de éérste mens die uit God geboren was. En iedereen die dóór Hem wedergeboren wordt is dóór Hem ook uit God geboren. En is daarmee een kind van God geworden.

Reden om Kerst te vieren

Het Kind dat in de kribbe geboren is uit een maagd was het begin van de verzoening van de mens met God. Die verzoening werd volbracht aan het Kruis op Golgotha. Dát mogen we herdenken met Kerst.En dat is voor mij dan ook alle reden om Kerst te vieren!

____
*) Nb. ik moet mij voor de grondtekst verlaten op de weergave zoals die gegeven en vertaald wordt via onder andere NET.Bible en de Strongs aangezien ik zelf geen Grieks of Hebreeuws kan lezen/schrijven.

 

Betrouwbare Studiebijbel in Telos-vertaling: terug van weggeweest!

Wat is de ‘beste’ Bijbelvertaling in Nederland? Een (strijd)vraag die je niet moet stellen, lijkt mij. Er zijn kerken op gescheurd, omdat men valt over ‘modernisering’ of ‘ketterij’ als het gaat om de Bijbel. En er zijn, helaas, ook een aantal waanzinnig slechte vertalingen op de markt. Er zijn echter ook een aantal vertalingen die, mijns inziens, bij geen enkele serieuze liefhebber van de Bijbel mag ontbreken in de boekenkast c.q. in de studeerkamer!

Eén daavan was altijd de zogenaamde ‘Telos-vertaling’. Om precies te zijn de Herziene Voorhoevevertaling. Sinds 1982 werd die bekend onder de naam Telos-vertaling, uitgegeven door Uitgeverij Medema. Het is een vertaling van het Nieuwe Testament waarbij men getracht heeft altijd zo dicht mogelijk bij het originele Grieks te blijven. Dat betekent dat het niet echt een “lees-bijbel” maar een echte “studie-bijbel” is.

Het uitgangspunt was een getrouwe, woord-voor-woord vertaling van de Grondtekst.

“De wens zoveel mogelijk lezers te bereiken mag niet ten koste gaan van de nauwkeurigheid van de vertaling. Bijbelvertaalwerk dat uitgaat van de woordelijke, volledige inspiratie van de Schrift … zal grote eerbied hebben voor elk afzonderlijk woord van de grondtekst en dus ook zo veel mogelijk woord voor woord willen vertalen’. (Voorwoord van de Telos-vertaling)

VOOERHOEVE VERTALING
De Voorhoevevertaling van het Nieuwe Testament is oorspronkelijk gebaseerd op een door John Nelson Darby samengestelde Griekse tekst en werd tot stand gebracht met behulp van de door Darby verzorgde vertalingen in het Engels (1867, 1872), in het Frans (1859, 1875), en het Duits (de Elberfelder bijbel, 1855).

De Voorhoevevertaling is daarna vier keer herzien (1917, 1931, 1966, 1982). De laatste herziening vond plaats in 1982 en was tamelijk ingrijpend. Vanaf nu werd de Griekse tekst van de Nestle-Aland of (“Novum Testamentum Graece”)-tekstuitgave het uitgangspunt. Deze editie van de Voorhoevevertaling staat sindsdien bekend als de Telosvertaling. De editie van 1982 is het werk van een kleine commissie, bestaande uit de heer J. Klein Haneveld, dr. G.H. Kramer, mr. H.P. Medema en dr. W.J. Ouweneel.
– Bron: Wikipedia.

TELOS VERTALING
Afb. Grace Publishing House

NIEUWE TELOSVERTALING (5e EDITIE)
In 2012 werd door uitgeverij Medema, die in 2009 was overgenomen door Jongbloed in Leeuwarden, bekend dat de uitgave en verkoop van de Telos-vertaling zou worden gestopt. Daarmee leek een einde te zijn gekomen aan de befaamde Voorhoeve annex Telos-vertaling.

In 2013 kocht Grace Foundation in Nederland de voorraad Telos-bijbels op en bood ze voor een lage prijs aan. En daar is het niet bij gebleven! Sinds kort is er namelijk door hen een 5e editie uitgebracht van de TELOS vertaling, zoals deze nu heet.

Deze 5e Editie van de TELOS bevat naast een getrouwe vertaling van de grondtekst, gebaseerd op een algemeen aanvaarde Griekse grondtekst die ook door wetenschappers en andere vertalers wordt gebruikt, uitvoerige informatie over de ontstaanswijze van het Nieuwe Testament, korte inleidingen op de Bijbelboeken, voetnoten die afwijkende varianten weergeven en een ‘cross-reference’: verwijzingen naar andere teksten. Daarnaast een woordenlijst met belangrijke woorden en hun betekenissen, beschrijving van maten en gewichten, geldsoorten, toelichting op de Joodse partijen die er indertijd waren enzovoorts.

De uitgangspunten, ook van deze herziening, waren onder andere: een vertaling te bieden die, uitgaande van het geloof in de woordelijke inspiratie van de Schrift, zo nauw mogelijk aansluit bij de grondtekst. Daarnaast was een tweede uitgangspunt een tekst die toch leesbaar en begrijpelijk blijft. Daarom zijn een aantal echt verouderde woorden en begrippen gemoderniseerd.

Herziene Voorhoevvertaling Telos Bijbel 5e editie weer beschikbaar

BLADSPIEGEL EN DRUK
Naast alle bovenstaande zaken is er iets wat ik persoonlijk ook héél prettig vind aan deze uitgave van de Voorhoeve Bijbelvertaling en dat is de uitvoering er van. Het is in een prettig leesbare, op goed papier gedrukte, Bijbelvertaling. Daarnaast is de bladspiegel heel prettig en is er in de kantlijn ruimte voor (eigen) aantekeningen.

Want, toen ik zag dat deze Bijbelvertaling weer beschikbaar was, in een volledig herziene uitgave, heb ik deze uiteraard direct besteld. De “oude” editie uit 1982 heb ik (ook) nog steeds uiteraard. Maar dat is in een soort van ‘pocket-uitgave’ op minder goed papier en minder ruimte in de bladspiegel (en dus minder goed leesbaar).

De TELOS vertaling is verkrijgbaar via diiverse websites of rechtstreeks bij de Uitgever, Grace Publishing House. De Bijbel is in twee omslagkleuren verkrijgbaar, Rood en Blauw.

Meer informatie/bestellen:
http://www.gracepublishinghouse.com/uitgaven/telos-vertaling-nieuwe-testament/

 

Een ‘verscheidenheid aan vertalingen’

Het Reformatorisch Dagblad heeft een leuke serie artikelen gepubliceerd over 400 jaar KJV. In één van die artikelen zag ik het volgende staan:

In de inleiding op de KJV halen de vertalers Augustinus aan, die een „verscheidenheid aan vertalingen” aanprijst om beter achter de betekenis te komen. Kunt u daar achter staan?

Het artikel, een interview met Dr. David Allen van de TBS (waarvan hier een artikel is overgenomen c.q. vertaald is door mij) is een ‘verdediging’ van de KJV. Dr. Allen blijft, net als het eerdere artikel van de hand van één van zijn collega’s van de TBS, realistisch. De King James wordt door de TBS niet ‘verabsoluteerd’. Naar aanleiding van de vraag over de “King James Only” beweging waarvan ondermeer Peter Ruckman een (sektarische) exponent is zegt hij:

“In die beweging zijn ook mensen die zeggen dat de KJV volmaakt is en dat er geen noodzaak is om terug te gaan naar de grondtekst. Dat zeggen wij natuurlijk niet, de vertalers zelf trouwens ook niet. Wij weten dat de KJV ook zwakke punten heeft, zoals blijkt uit de vertaling van ”kerk” en ”bisschop”, waar dit ”gemeente” en ”ouderling” moet zijn. Ondanks dat beschouwen wij de KJV voorlopig als de meest getrouwe weergave van de grondtekst.”

Hoewel  ik persoonlijk de Staten Vertaling een goede vertaling vind denk ik net als dr. Allen: we moeten een vertaling niet verabsoluteren; het blijft ten slotte mensenwerk. Zo is bekend dat de Staten Vertaling ook fouten bevat. Ik ben dan ook een groot voorstander van het ‘naast elkaar leggen’ van vertalingen.

Herziene Statenvertaling

Ik ben dan ook erg gelukkig in dit opzicht met de Herziene Staten Vertaling. Ik heb vanwege de mooie soepele, slijtvaste, omslag de kunstleren Vivella-editie genomen.

Deze vertaling heb ik inmiddels voor mijzelf als ‘standaard vertaling’ genomen. Jarenlang was de NBG ’51-editie mijn ‘standaard’, maar de HSV is in alle opzichten fijner om te gebruiken. Taalgebruik, voetnoten met weergave van de letterlijke vertaling wanneer nodig, kruisverwijzingen. En, bovenal, getrouw aan de oorspronkelijke tekst. Beter nog dan dat de SV was.

En daarmee komen we op een ‘lastig’ en maar zeer moeilijk tot niet te aanvaarden punt voor sommigen. Want, de ‘oude’ SV was gebaseerd op ‘oude’ versies van de griekse teksten. En daar zaten toch wat onvolkomenheden in. Zo had Erasmus bijvoorbeeld bij het samenstellen van de vroege edities van de tekst niet de beschikking over de volledige griekse teksten en heeft de latijnse tekst ‘terugvertaald’ naar het Grieks – met name in de Openbaringen van Johannes. De bron van de SV vertalers was echter niet alleen Erasmus’ werk, integedeel:

De 1598 versie van Beza en de in 1550 en 1551 verschenen versie van Stephanus zijn de belangrijkste bronnen voor de vertalers van de Engelse King James Version en de Nederlandse Statenvertaling.

De éigenlijke “Textus Receptus” is dan ook helemaal niet de vertaling van Erasmus geweest; de term werd pas voor het eerst toegepast op de edities van de gebroeders Elsevier uit 1624, 1633 en 1641. De in 1637 verschenen Staten Vertaling was hier niet op gebaseerd – enfin, alles bij elkaar een ingewikkelde materie.

We zijn nu zover, eeuwen later, dat we een steeds verfijndere ‘Textus Receptus’ hebben. Druk-, zet- en vertaalfouten die in de loop der eeuwen ontstonden of gemaakt waren zijn steeds verder geminimaliseerd. Met als gevolg dat de basistekst van de Herziene Statenvertaling er één is die, als je dat zo mag zeggen, “superieur” is aan de TR die de statenvertalers van 1637 hebben gebruikt. In ieder geval veruit te verkiezen boven de versies uit die tijd aangezien er de laatste eeuwen een schat aan materiaal is vrijgekomen die er toe leidde dat de tekst steeds beter samengesteld kon worden. En op basis van die tekstcollectie is de HSV samengesteld.

Toch menen sommigen dat de HSV-editie zeer ‘verwerpelijk’ is. Vooral uit de kring van de Gereformeerde Bijbelstichting (GBS) heeft steeds de nodige kritiek geklonken. Zo zag ik ondermeer dat men de HSV ‘afkeurde’ op grond van het feit dat die ‘op zoveel plaatsen afweek van de SV’. Dat soort argumentatie is natuurlijk onwerkelijk.

Sektarisme en afgoderij?

Zoals gezegd waren de SV (en KJV) vertalers uit de de periode 1500-1650  zich zeer wel bewust van het feit dat hun vertaalwerk mensenwerk was. En dat er daarom fouten in hun werk zaten. Géén wereldschokkende fouten wellicht maar toch, ‘foutjes’. Daarnaast is de grondtekst-editie dus steeds verder geoptimaliseerd. En, niet onbelangrijk, ook de (vertaal)kennis en de Bijbelse wetenschap is verder verfijnd. Alsmede de boekdrukkunst! Tot slot kunnen we als ‘amateur bijbelwetenschappers’ met bijvoorbeeld de Strongs-edities van de Heilige Schriften ook zelf wel verifiëren of een vertaling juist gedaan is. De oude Staten Vertaling nemen als uitgangspunt voor toetsing van andere vertalingen gaat dus niet aan. Deze vergelijking gaat mank maar: het is alsof je een pre-productie model van een auto als uitgangspunt neemt voor de toetsing van het uiteindelijke productiemodel.

De SV is een prachtige vertaling. Ik heb ‘m nog steeds, in meerdere varianten (van hele oude tot de ’77-editie). Ook een mooie King James (Scofield editie) is in mijn eigendom. En ik zou er absoluut geen afstand van willen doen. Maar laten we wel zijn, de Staten Vertaling is achterhaald, archaïsch en vaak onbegrijpelijk. Wie dat als de ‘defacto-standaard’ voor toetsing van nieuwere vertaling, op grond van nota bene grotendeels dezelfde -zij het verbeterde- brontekst, wil nemen moet zichzelf eens toetsen.

Wat zijn nu je wérkelijke argumenten om vast te blijven houden aan de Staten Vertaling van 1637? Is het misschien een verkapt commercieel belang? Is het belang gelegen in angst voor het onbekende? Of is het wellicht gewoon op ‘sektarische gronden’? Zoals Aad Kamsteeg, terecht, concludeerde: wie op deze manier om wil gaan met Gods Woord pleegt afgoderij. Want: mensenwerk wordt tot iets ‘goddelijks‘ verheven.

Psalm 97:7, SV – Beschaamd moeten wezen allen, die de beelden dienen, die zich op afgoden beroemen; buigt u neder voor Hem, alle gij goden!


De ‘concordante’ Bijbelvertaling

concrdante_bijbelvertaling.jpgOver de ‘concordant Bible’ van A.E. Knoch

Eerder heb ik op mijn ‘bijbelschool-blog’ geschreven over de grondslag van de zogenaamde ‘King James’ en de ‘Staten’-vertaling; de Textus Receptus (= de meerderheidstekst) en waarom een keuze voor de TR, eventueel aangevuld met andere vondsten en manuscripten (of andersom, zoals bij de NAS-vertaling) een aanvaardbare en vrij juiste vertaling van de Bijbel oplevert.

De laatste tijd is de discussie over de ‘alverzoening’ weer opgeleefd. Eén van de belangrijkste pijlers van de leer van de alverzoening is de ‘concordante’ vertaling van de Bijbel; een methode van vertalen  waarbij zo consequent mogelijk de woorden uit de grondtekst steeds op dezelfde wijze vertaald worden c.q. dezelfde betekenis hebben. Op zich een interessante vertaalwijze (hoewel niet altijd correct of  leesbaar, zoals elke professionele vertaler zal beamen!). Het geeft namelijk de ‘amateur bijbelonderzoeker’ –waartoe ik mijzelf ook reken-  een soort van toegang tot de grondtekst; zij het op beperkte, en soms zeer incorrecte, wijze aangezien de vertaalvariaties zoveel mogelijk weggelaten worden.

Je hoeft geen wetenschapper te zijn om derhalve de zwakte van deze methode van vertalen te zien. Het resultaat lijkt soms een beetje op de mechanische, machinale, vertalingen van sites als babelfish.

De originele tekst
Dit artikel gaat echter niet zozeer over de alverzoening. Ik beschouw de gedachten van de alverzoeners als een dwaling, en heb daar goede gronden voor. Waar ik het in dit artikel over wil hebben is de gróndslag van de ‘concordante vertaling’. Een vertaling immers die claimt de gebruiker er van tot de grondtekst door te laten dringen moet dan wel op een héle goede grondtekstverzameling gebaseerd zijn. En daar blijkt opeens nóg een zwakte, naast de gekozen methode van vertalen, van deze vertaling.

Lees verder: “De ‘Concordante’ Bijbelvertaling” (PDF)

[update]_
Een discussie nav dit artikel is hier te vinden.